Home » Uit historie Langenboom » Gascel op de heide

Gascel op de heide

We kregen via Erick Gerrits een ontwerp voor een gascel, getekend door zijn vader Jo Gerrits in 1935. Jo en Bep Gerrits (De Juppes, zoals ze toen vaak genoemd werden) hadden toentertijd een timmerbedrijf vlak bij het pakhuis en namen soms ook huizen aan om te bouwen. Hun vader Hermanus (Mant Juppe) was hiermee begonnen. Het waren prima vaklui en Jo had via cursussen zich behoorlijk ontwikkeld. En nu hadden de stierenhouderij van Langenboom en de Maurik, tezamen met de veefonds bij hen aangeklopt, voor het ontwerpen van een gascel. Wat was dat een gascel?

Runderen kunnen last hebben van vele soorten parasieten en insecten: luizen, schruftmijt, schimmels, horzels, dazen, vliegen, knutten en teken. Dat is nu zo, maar dat was 75 jaar geleden ook al zo. Vooral de schurft gaf vele problemen. Wat is het?

Schurft Het is een mijt en die veroorzaakt met name op schoft en rug ronde en ovale plekken met korsten van huid/haar en ingedroogd vocht. Het geeft kale plekken en een verdikte huid, die schilfert. Er kunnen korsten en zweren ontstaan.  De plekken bloeden snel. De huidaantasting gaat vaak ten koste van de groei. Om dit probleem te behandelen, had men toen een speciale oplossing. De schurft behandelen met gas. Dat ging zo maar niet, want dat gas was slecht voor mens en dier. Vandaar een speciale gascel. 

Achter het pakhuis lag een heideveld, waarop rijvereniging “Juliana” oefende. Het was er stoffig en lag vol met grind. Ook stond er een stellage waar mee geoefend werd, door jongens die goedgekeurd waren en daar de vooroefeningen volgden. Het bestond uit twee verticale palen in de grond met boven een paal daartussenin. Er hingen touwen naar beneden, zodat er flink geklommen kon worden. Ook de Burgerwacht en de … onder leiding van Ties Reinen en Piet Verstraten oefenden er. Het terrein lag ongeveer op de plaats waar eerst Wim Verstegen woonde. Huize Heidelust.

Hierop bouwden de gebroeders Gerrits de gascel. Het was een houten gebouwtje, geplaatst op een betonnen vloer. Het gebouwtje was 3.29m lang en 1.88m breed.

Het gebouwtje was maar laag, 1.82m en liep naar achteren schuin naar beneden. Deze betonnen vloer werd gestort in een achthoek, die 75cm breder was dan de gascel zelf. Daarop werd het niet vast gevestigd, maar stond er los op, zodat het steeds tegen de wind in geplaatst kon worden. Daartoe waren aan ieder uiteinde naar buiten stekende balken geplaatst die men kon aanpakken. Men moest zeker met vier personen zijn om het te verschuiven, want het was behoorlijk zwaar. Het huisje kreeg aan de voorkant 3 openingen, waardoor de kop van een koe gestoken kon worden. In die opening zat een soort lederen kraag, die om de kop van de koe ging en er voor moest zorgen, dat er geen gas kon ontsnappen. De koe werd aan de voorkant goed vastgezet met een touw aan een pin in de grond, zodat ze niet terug kon. Dat was toch al moeilijk, omdat ze met haar achterwerk tegen de achterkant van de gascel stond. Aan de achterkant was één zware deur, die ook weer goed moest afsluiten, want ook daar mocht geen gas ontsnappen. Vaak werd tegen de onderkant nog zand gegooid om het goed af te sluiten.

En dan kon de behandeling beginnen. Zoals boven al geschreven, was het initiatief mede genomen door de veefonds. Door deze behandeling gingen er minder beesten dood, en dat was goed voor de kas. Het bestuur van de veefonds zorgde voor de behandeling en met name Ties Reinen was er mee belast. Hij had een grote gasfles en via een slang en het opendraaien van een kraan kon dat gas de cel in. De behandeling duurde ongeveer een half uur. Dan werd de achterdeur open gemaakt en wachtte men een tijdje, zodat het gas er goed kon uittrekken. Vervolgens konden de boeren de koeien weer mee naar huis nemen en maar hopen, dat de behandeling goed geslaagd was. Het gashuisje heeft er waarschijnlijk gestaan tot 1938.

Voetbalclub Wit-Zwart had toen nog een veld aan de Dempseystraat, maar wilde een eigen vaste veld. In een brief van 27 december 1937 vroegen voorzitter Harrie van Kuppevelt en secretaris Harrie van Els aan de gemeente om dit terrein te mogen inrichten als voetbalveld. Daar werd toestemming voor gegeven, mits het door zelfwerkzaamheid werd ingericht. Zo geschiedde, maar hierdoor moest de gascel wel plaatsmaken.